Het Friese Haagje

Deel

Het Friese Haagje

Heerenveen geniet internationale bekendheid vanwege het schaatsen. Thialf was wereldwijd de tweede overdekte 400 meterbaan en geldt nog steeds als één van de snelste ijsbanen ter wereld. Daarnaast is Heerenveen natuurlijk bekend van de gelijknamige voetbalclub en het naar de legendarische voetballer Abe Lenstra genoemde stadion. Maar deze "sportstad" en haar omgeving hebben meer te bieden, veel meer!

Heerenveen is van oorsprong een veenkoloniale nederzetting. In 1551 werd door de notabelen Van Dekema, Van Cuijk en Foeyts, de "heeren van het veen", de Schoterlandse Veencompagnie opgericht, de oudste Nederlandse hoogveenkolonie en de op één na oudste Naamloze Vennootschap van Nederland. Men begon met het graven van de Heerensloot, waarlangs de turf afgevoerd zou worden. Haaks daarop werd in oostelijke richting de Schoterlandse Compagnonsvaart gegraven, waarvan het eindpunt, mét de ontginning van het veen, steeds verder opschoof. Heerenveen is ontstaan bij het kruispunt van deze turfvaarten. Die vaarten werden de definitieve grenzen van de bestaande "grietenijen" (gemeenten). Totdat er in 1934 een grotere gemeente kwam met de naam "Heerenveen", die bestond uit de vormalige gemeenten Schoterland, Aengwirden en een deel van Haskerland, lag Heerenveen eeuwenlang in drie verschillende gemeenten. Het verleden én heden van Heerenveen en omgeving wordt op boeiende wijze verteld en verbeeld in Museum Willem van Haren. Een afzonderlijk deel daarvan is geheel gewijd aan de dominee, vrijdenker, socialist, anarchist en anti-militarist Ferdinand Domela Nieuwenhuis, die zich bijzonder heeft ingezet om de erbarmelijke leef- en arbeidsomstandigheden van de veenarbeiders in het gebied te verbeteren.

Die leefomstandigheden stonden in schril contrast met die van de notabelen die zich in de loop van de eeuwen vestigden in het inmiddels ontgonnen gebied ten zuidoosten van Heerenveen. In 1676 lieten de Friese stadhouder Willem Frederik en zijn vrouw, Albertine Agnes van Oranje, hier een landgoed aanleggen. Zij werden gevolgd door tal van andere notabelen die in het gebied landhuizen bouwden en parkachtige tuinen aanlegden. Zodoende is een zeer bijzondere concentratie ontstaan van buitenplaatsen met bijbehorende dienstwoningen en boerderijen, eeuwenoude bossen, statige lanen en prachtige parken. Het geheel vormt het tegenwoordige landgoed Oranjewoud, een gebied van 400 hectare dat wordt beheerd door Staatsbosbeheer. De bijnaam "Pronkzaal van Friesland" zegt eigenlijk alles.

Een deel van het landgoed werd ontworpen door Daniël Marot, die ook de tuinen van paleis Het Loo ontwierp. Dat deel is in 2004 in zijn oorspronkelijke, barokke stijl gereconstrueerd. Daarbij werd het gebied tevens uitgebreid met een nieuwe tuin, waarin het nieuw gebouwde, strak vormgegeven gebouw van Museum Belvédère (museum voor moderne Friese kunst; een aanrader!), op prachtige wijze geïntegreerd is. Landgoed Oranjewoud laat zich het best te voet verkennen. Door Staatsbosbeheer is een wandelroute uitgezet van maar liefst 19 kilometer.

De wijdere omgeving vormt een schitterend, zeer afwisselend decor voor fietstochten. Ten noorden van het bosgebied liggen de architectonisch en stedenbouwkundig interessante woonwijk Skoatterwâld en het reeds genoemde Museum Belvédère. In zuidelijke richting gaat het bosgebied vrij abrupt over in het open landschap dat gevormd wordt door grasland aan weerszijden van het riviertje de Tjonger. Naar het oosten toe is sprake van een geleidelijke overgang naar een halfopen landschap.

Het Friese Haagje, zoals Heerenveen en omgeving ook wel genoemd worden, heeft alles te bieden voor een aangenaam verblijf. De levendigheid van sport- en winkelstad Heerenveen, de rust, de natuur en de cultuurhistorie van Oranjewoud, de cultuur, architectuur en stedenbouw van Museum Belvédère en Skoatterwâld én het zeer gevarieerde landschap van de wijdere omgeving.

Tekst: © FrieslandWonderland • Foto: © FrieslandWonderland

Het Friese Haagje' op ToeristenkaartFryslân